De kracht van woorden

Woorden hebben magische krachten. Ze kunnen je groot maar ook klein doen voelen. Gebruik ze wijs!

Ik ben het lezen van Humo reeds geruime tijd ontgroeid. Net zoals het lezen van de Flair trouwens. Je kan maar zoveel over seks en relaties verorberen. En voor de Libelle kook ik niet graag genoeg.

Maar de cover van Humo (27/02) riep naar mij toen ik snel boodschappen deed. Ik noem het ‘de kracht van woorden’.

‘Steeds meer geweld op school — vuistslagen, doodsbedreigingen en lakse directies’ staat er op de cover. De bijhorende foto van de zwarte van K3 riep nog meer woorden op.

Thuisgekomen las ik de eerste keer het artikel en de kracht van de woorden kwam luidkeels binnen. Zo luid dat ik niet verder kwam dan dit artikel. De volgende dagen las ik het artikel opnieuw. En nam ik mijn fluostift erbij…

Er worden verschillende leerkrachten geinterviewd over wat agressie binnen onderwijs met hen doet.

Ter info: agressie kan nooit goedgepraat worden. Mijn vingers werden in mijn lange schoolloopbaan meerdere malen het slachtoffer van een boze leerling.

Maar waar ik in elk apart geval naar op zoek ging was mijn aandeel in deze pijnlijke vingers. En vaak waren woorden de trigger. 
Woorden hebben macht. Ze zijn zeker in relatie tot een leerling en ouders een krachtig wapen. Ze geven vaak het gevoel weer dat je mee draagt wanneer je gaat werken.

In het artikel in Humo lees ik bij voorbeeld ‘Voor je aan de stof begint, ben je een kwartier politieagent aan het spelen. Dat is eigen aan de schoolpopulatie, vrees ik. Er zitten haast alleen allochtonen, vaak met een achtergrond van kansarmoede’. De leerkracht vervolgt met ‘veel van onze leerlingen hebben geen thuis, laat staan ouders die zich begaan zijn met hun opvoeding’.

Hoe definieer je ‘begaan zijn met de opvoeding?’. Ik ben sterk begaan met de opvoeding van onze zonen. Ik kan mij perfect voorstellen dat er leerkrachten zijn die mij gewoon een bemoeial vinden. En onze oudste zou meer dan waarschijnlijk af en toe wel een mama wensen die minder betrokken is. Mag ik de betrokkenheid van andere ouders afmeten ten op zichte van mijn graad van betrokkenheid? Zou het misschien zinvol kunnen zijn dat deze betrokkenheid onderwerp van gesprek is van een eerste gesprek met ouders?

Verder in het artikel staat ‘Het sprieterige meisje dat S. molesteerde was niet toevallig een ‘type 3’. ‘Type 3 zijn kinderen met zware gedragsstoornissen. Dat zijn probleemgevallen, zeker als er dan nog sprake is van een moeilijke thuissituatie’.

De kracht van een woord: het is een type 3. En neen, we zijn niet over een wagen bezig noch over de laatste nieuwe zitmaaier. We zijn bezig over leerlingen. En deze leerlingen zijn ‘probleemgevallen’. In het hoofd van deze leerkracht zijn het probleemgevallen.

De leerkracht vertelt dat het M-decreet het er niet gemakkelijker op gemaakt heeft op haar school. De school blijft achter met de ‘restgroep’ van ‘zware gevallen’. Met een pijnlijke precisie wijst ze op de realiteit: ze zijn de vuilbak geworden terwijl de ‘goede exemplaren’ uitstromen naar het gewoon onderwijs. De kracht van woorden…

De journalist die het artikel schreef slaagt erin aan te geven dat het M-decreet overlast bezorgt in het gewoon onderwijs: ‘Het plan voorziet weliswaar in allerlei begeleidingsmaatregelen om kinderen met hun beperking, handicap of stoornis te doen ‘aarden’ in een gewone schoolomgeving.

In het artikel komt tenslotte een onderzoeker aan het woord die werkt rond agressiemanagement op school. Ze geeft aan dat leerkrachten alerter moeten worden voor tekenen van agressie. Ook bij zichzelf want agressie op school speelt zich af in een relatie tussen twee partijen. Het gebeurt dat leerkrachten de klas betreden met een bepaald vooroordeel tegen een bepaalde leerling, dat ze even voordien van collega’s opgepikt hebben in de leraarszaal.

De kracht van woorden…