Handelingsplan

Het handelingsplan is een document waarin opgeschreven wordt hoe er met een bepaalde leerling of met een bepaalde groep met specifieke onderwijsbehoeften zal gewerkt worden. Een handelingsplan wordt opgestart wanneer een leerling of een groep leerlingen meer nodig heeft dan het aanbod dat aan de ganse klas wordt gegeven.

Het handelingsplan kan een individueel handelingsplan zijn (voor één leerling) of een groepshandelingsplan (voor enkele leerlingen met gelijkaardige onderwijsbehoeften).

Het handelingsplan start met de beginsituatie waarin de begeleider (bv. leerkracht of logopedist) opschrijft wat een leerling of een groepje leerlingen al kan. Hiervoor worden indien nodig toetsen of tests afgenomen. Er wordt ook informatie gebruikt uit vroegere verslagen en rapporten.

Daarna kiest de begeleider doelen voor een bepaalde periode.

De doelen moeten voldoen aan volgende eigenschappen:

Specifiek

Een doel wordt voor die ene leerling of die ene groep gekozen. Het doel wordt duidelijk omschreven zodat het voor iedereen duidelijk is.

Meetbaar

Er kan vastgesteld worden of een doel bereikt wordt. Een voorbeeld is: ‘leerling A kan tegen de paasvakantie woorden met /au/ en /ou/ correct schrijven in specifieke oefeningen.

Acceptabel

Alle collega’s zijn het erover eens dat dit een geschikt doel is voor deze ene leerling. Hij schrijft namelijk steeds opnieuw deze woorden fout.

Realistisch

De periode om aan dit doel te werken is lang genoeg gekozen waardoor er veel oefentijd is. Er zal ook tijdens individuele therapie gewerkt worden aan dat doel.

Tijdsgebonden

De periode werd ook niet te lang gekozen omdat we dit schooljaar nog willen werken naar het gebruik van /au/ en /ou/-woorden in het schrijven van verhalen in het tekstenboek.

In het handelingsplan staat wanneer het doel wordt geëvalueerd. Er staat ook in wie er aan de doelen zal werken en hoe dit zal gebeuren.

Voorbeeld

L. heeft het erg moeilijk om te schrijven. Het lukt maar niet om schrijfletters op papier te krijgen. Op een overleg waar de leerkracht, de zorgcoördinator, de ouders en het CLB aanwezig zijn, wordt besloten dat L. gaat leren typen.

In het handelingsplan wordt als beginsituatie beschreven:

  • L. kan losse woorden schrijven in drukletters.  
  • De woorden zijn moeilijk leesbaar.
  • Tijdens dictee kan L. niet tussen lijntjes schrijven.
  • L. kan het tempo niet volgen.
  • L. kan de aangeleerde woorden wel juist spellen. Het is dus het schrijven dat niet lukt.

Volgende doelen worden geselecteerd:

  • L. start zelf de PC op.
  • L. herkent de letters op het klavier.
  • L. typt woorden van een blad over in een word-document.
  • Het word-document wordt door de juf M. geopend.

Aan die doelen wordt gewerkt tot met de kerstvakantie. Er wordt aan gewerkt door de ondersteuner maar ook door de duo-juf tijdens de spellingles.
De ouders oefenen 3x per week 10 minuten het herkennen van de letters op het klavier.

De doelen worden op school bekeken op het MDO van januari waarop alle betrokken partijen worden uitgenodigd.